Verslaving. Echte (aangeboren) ziekte of gewoon gebrek aan ruggengraat?

Het begon als een gezellig tijdverdrijf. Een glaasje wijn tijdens het koken. Een sigaretje na het eten. In het weekend lekker dansen. Eén pilletje of één lijntje kon niet zoveel kwaad toch? Maar langzaam sluipt het erin. Je merkt dat het glaasje wijn tijdens het koken ineens een hele fles wordt. Je begint weer sigaretten te roken in de lunchpauze. Je gaat niet eens meer uit dansen want je kunt ook thuis wel plezier beleven aan dat pilletje of dat lijntje. In je eentje want om uit te delen zijn alle bovenstaande verslavingen (want dat zijn het inmiddels) te duur. Bovendien schaam je je. Niemand hoeft te weten dat je een heel pak koek, chocolade en chips in je eentje zit weg te bunkeren. Niemand hoeft te weten dat je het keyboard tijdens het gamen niet eens verlaat om naar de wc te gaan. Dat kan ook best in een lege fles of andere container.

Verslaving. Het komt in vele vormen voor en mensen hebben er vaak en snel een mening over. Meestal komt deze neer op ‘gebrek aan ruggengraat’. Overeten of een hele fles leegdrinken is een keuze. ‘Gewoon stoppen’, zeggen ze dan. Maar is het wel zo eenvoudig? Expert zeggen van niet. Verslaving is een verlammende ziekte. Net zoals dat je niet meer kunt lopen als je beide benen gebroken zijn, kun je niet zomaar van de ene op de andere dag stoppen met een gewoonte die je in jaren hebt opgebouwd. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de oorzaken van een verslaving. Vaak zijn deze te vinden in tekortkomingen aan aandacht, begrip of een gevoel van veiligheid. Iemand die verslaafd is probeert een gat in zijn ziel te dichten met middelen. Mensen die een volledig vervuld leven en een gebalanceerde geest hebben zullen minder snel (problematisch) naar vervangingsmiddelen voor liefde en aandacht grijpen.

Just say no?

Op basis van dierproeven in de jaren 1950 en 1960 werd drugsverslaving voornamelijk beschouwd als het quasi-mechanische biologische resultaat van de toediening van bepaalde stoffen. Eenvoudig gezegd: het actieve bestanddeel van een drug zorgt ervoor dat dopamine vrijkomt in de hersenen en dit veroorzaakt een gevoel van genot. Hierdoor kan een mechanisme in werking treden dat de bewuste wil van de proefpersoon snel zal verdringen: na herhaalde toediening zullen de hersenen dit gevoel van genot koste wat kost willen reproduceren. Dit is de klinische definitie van verslaving.

Deze onderzoeken werden uitgevoerd met ratten. Men plaatste de beestjes in een kooi met een flesje water en een flesje verdunde morfine. Al snel bleek dat de rat de voorkeur gaf aan de morfine en dus verslaafd raakte. Het beestje gebruikte meer en meer, totdat het stierf. Om deze reden ging men ervan uit dat het altijd de stofjes in de drugs zijn die een verslaving tot gevolg hebben. Dit is nog steeds een veel voorkomende opvatting in het collectieve bewustzijn: verslaving is dwangmatig gedrag veroorzaakt door druggebruik.

Rattenparadijs

Voor de Canadese psycholoog Bruce Alexander strookte de opzet van dit experiment echter niet met de werkelijkheid. Voor dit experiment werden de ratten afzonderlijk in kleine kale kooitjes geplaatst, zoals helaas vaker met proefdieren gebeurt. Dit zijn echter geen typische leefomstandigheden voor een rat in het wild. Alexander bedacht daarom hetzelfde experiment, maar onder realistische en aangenamere levensomstandigheden: een grote ruimte. Hij gaf de ratten ruime warme kooien met lekker voedsel, speeltuigen en metgezellen van beide geslachten en de eerder besproken flesjes water en morfine. De resultaten verschilden aanzienlijk van het oorspronkelijke experiment: de ratten in het ‘luxe rattenpark’ proefden af en toe van de morfine, maar gaven de voorkeur aan het mineraalwater. De verslaving zit met andere woorden niet noodzakelijk in het middel. Factoren als sociale interactie en leefomgeving dienen terdege meegewogen te worden.

 

Anno nu hebben onderzoekers dan ook een veel beter beeld bij de vraag waarom sommige mensen gevoeliger zijn voor verslaving dan anderen. Verschillende factoren in de omgeving zijn daarbij bepalend: denk aan verwaarlozing als kind of een historie van verslaving in de familie. Ook factoren als: heb je in je vriendenkring makkelijk toegang tot het middel? Heb je verder weinig uitdagingen of erkenning in het leven? Heb je een neiging tot zwaarmoedigheid? werken mee in deze weging. Bij de daadwerkelijke ontwikkeling van verslaving speelt het antwoord op die laatste vraag een aanzienlijke rol. In 50 tot 70% van de ondervraagden gaf de ‘aanleg’ een doorslaggevend resultaat.  Conclusie: sommige mensen beleven nou eenmaal meer plezier aan een middel dan anderen. Dat gevoel is dus deels genetisch bepaald. Onderzoekers geven ook aan dat mensen die op jonge leeftijd zijn blootgesteld aan misbruik, een grotere kans hebben om verslaafd te raken aan genotsmiddelen.

Positiviteit, liefde en aandacht

Mensen die een kleinere kans hebben op verslaving kunnen zowel de positieve als de negatieve gevolgen van het middel overzien doordat de receptoren in hun hersenen het verschil kunnen aanvoelen tussen extern opgewekt plezier door middelen en de bevrediging die volgt uit een gebalanceerd en liefdevol leven. Personen die gevoelig zijn voor verslaving associëren de stof alleen met het onmiddellijke plezier dat erop volgt, en niet met de nadelen die dit voor hun gezondheid en sociale (of financiële) leven zal hebben. De stof vermindert tijdelijk hun gevoel van narigheid en dat is het enige dat ze nog hebben. Ze proberen aan hun grauwe werkelijkheid te ontsnappen door een biertje in de bar of een gokje te wagen in het casino. Zodra het geheugensysteem vervolgens die handeling of omgeving koppelt aan dat plezier, dan zullen ze cravings krijgen op vergelijkbare plekken. En dat worden er steeds meer.

Ongecontroleerd verlangen

‘Craving’ (de Engelse term voor sterk verlangen. Red.) is in combinatie met de eerder genoemde verminderde cognitieve controle en impulsief, kortetermijngedrag de drijvende kracht achter verslaving. De meeste mensen denken namelijk eerst eens goed na voordat ze leuke dingen gaan doen. Een gebalanceerd brein remt deze persoon vervolgens desgewenst af vanwege de negatieve gevolgen van die activiteiten. Tenzij men overgevoelig is voor verslaving. Dan is die innerlijke rem er niet en denkt men alleen aan de directe bevrediging van een verlangen. De genoemde waarschuwing voor de negatieve gevolgen van ons handelen wordt geregeld door de prefrontale cortex in ons brein. Bij mensen die kwetsbaar zijn voor verslaving functioneert deze minder goed: zij kunnen minder goed afwegen en plannen en zijn impulsief. In combinatie met overgevoeligheid voor beloning (sterke craving) zullen zij vaker een verslaving ontwikkelen.

Gevolgen van verslaafd zijn

De gevolgen van verslaving zijn afhankelijk van de persoon, het middel of de gewoonte waaraan diegene verslaafd is, de duur van de verslaving en de omgeving. Als bijvoorbeeld de partner binnen het huishouden opmerkt dat al het spaargeld verdwenen en daar is geen logische verklaring voor, is men eerst nog geneigd dit met de mantel der liefde te bedekken. Echter naarmate de verslaving erger wordt, zien deskundigen dat mensen hun geld, baan, huis en familie verliezen. Om over de mentale gevolgen van een verslaving nog niet eens te spreken. Ook hier komt het belang van een sterke en alerte sociale omgeving naar voren. Zonder vangnet wordt afkicken aanzienlijk bemoeilijkt, zo niet onmogelijk

De weg terug

Met de juiste hulp en een meewerkende omgeving zijn de meeste verslavingen gelukkig redelijk goed behandelbaar. Onder andere cognitieve gedragstherapie, waarin de verslaafde leert om actief gedachten over de situatie te veranderen en omgeving en mensen die hen triggeren te vermijden. Maar ook de juist voorgeschreven medicijnen kunnen het verlangen naar een middel verminderen. Het blijft echter een hele opgave en een verslaving is iets dat je je hele leven met je meedraagt. Het gevaar van een terugval is iets wat met de tijd vermindert maar nooit helemaal verdwijnt. Ongeveer 1/3e van de behandelde patiënten kickt in één keer succesvol af, van het overige percentage leeft de helft als draaideurpatiënt en de andere helft zal nooit succesvol van zijn of haar verslaving afkomen. De invloed van een verslaving op de hersenen zorgt er namelijk ook voor dat langdurig gebruik kan leiden tot degeneratie van de neuronen, wat weer invloed heeft op iemands motivatie, emoties, cognitie en de uitvoerende controlefuncties. Dit alles bij elkaar maakt dat er zeker een verband kan bestaan tussen middelengebruik en langdurige psychische problemen.

Natural highs

Dopamine is een neurotransmitter die de hersenen uitscheiden. De belangrijkste functie van deze neurotransmitter heeft te maken met gevoelens van genot. Wanneer we ons realiseren dat we iets leuk vinden, scheiden onze hersenen dopamine uit, wat ons een aangenaam gevoel geeft. Hierdoor is ons lichaam geneigd om steeds weer opzoek te gaan naar manieren om dat aangename gevoel opnieuw op te wekken. Eten en seks zijn twee van deze dingen die ervoor zorgen dat de hersenen dopamine uitscheiden, maar drugs horen daar zeker ook bij. Door deze dingen scheiden de hersenen zelfs zulke grote hoeveelheden dopamine uit dat men veel te snel door de natuurlijke hoeveelheid dopamine heen gaat, met de bekende ‘dinsdagdip’, een ernstig tekort aan dopamine, tot gevolg. In essentie hebben drugs hetzelfde fysiologische effect als natuurlijke stimuli, zoals een opwindend gesprek met een goede vriend. Het probleem ontstaat doordat het effect vele malen intenser is.

Het effect van natuurlijke stimuli komt dan uiteindelijk teleurstellend over in vergelijking met het intense effect dat drugs hebben. Dit maakt drugs voor drugsgebruikers natuurlijk des te aantrekkelijker. In de loop der tijd zal ook de (ex)verslaafde echter de voorkeur geven aan natuurlijke stimuli. Zonder de vreselijke lichamelijke en mentale kater, mét behoud van vrienden, werk, sociale en financiële voordelen.

Het allerbelangrijkste aspect om je dopaminelevel op niveau te houden, is goed voor jezelf zorgen. Hoe simpel dit ook klinkt, effectief is het wel. Van slapen tot bewegen en goede voeding, het riedeltje is weinigen onbekend. Hieronder volgen toch nog enkele toelichtingen.

Voeding

Bepaalde voeding kan ervoor zorgen dat jij je lekkerder voelt, omdat het dopamine vrijmaakt in je brains. Het zogeheten Dopamine Diet, lezen we op BBC. Proteïnen spelen hierin een belangrijk rol. Etenswaren die je een dopa-boost kunnen geven, zijn bijvoorbeeld kip, ei, zalm, makreel, donkere chocolade, noten, maar ook groente en fruit.

Sporten

We kennen allemaal dat victorieuze gevoel als je een lekker stuk hebt gewandeld, gefietst of keihard hebt staan werken in de sportschool. Sporten en bewegen is goed voor je hersenen en zorgen dat het gelukshormoon weer lekker wordt aangewakkerd.

Slapen

Een gebroken nacht kan je geluksgevoel drastisch naar beneden halen. Hoezo? Je dopaminelevel dropt direct. Slapen is één van de belangrijkste aspecten om je goed en gelukkig te voelen.

Meditatie en yoga

Je merkt het vast zodra je hebt gemediteerd, je voelt je rustig en op je gemak. Dat komt door verschillende stofjes die er op zo’n moment vrijkomen. Uit onderzoek is gebleken dat bijvoorbeeld een yoga nidra meditatie voor een stijging van je dopaminelevel kan zorgen.

Goud en platina

Je kunt ook de natuur op een verantwoorde manier een handje helpen door suppletie met nano mineralen. Wist je dat goud een natuurlijk antidepressivum is? Het balanceert en activeert dat oh zo belangrijke gelukshormoon dopamine, verbetert de hersenfuncties en helpt bij depressie en stemmingsklachten veroorzaakt door verslavingen. Ook nano platina kan helpen bij een uitgebalanceerde mindset. Het lijnt je linker en rechter hersengolven uit, geeft rust in het hoofd, vermindert moodswings en balanceert je libido. En van dat laatste, een beetje liefde voor jezelf en voor anderen, wordt iedereen, ook om je heen, gelukkiger.

Dopamine motiveert ons om in actie te komen en doelen te halen en geeft ons vervolgens een heerlijk gevoel als we dat doel of die behoefte hebben vervuld. Logischerwijs zijn dan ook uitstelgedrag, twijfelen en een gebrek aan enthousiasme tekenen van een dopaminetekort, blijkt uit onderzoek. Stel dus haalbare doelen voor jezelf en breek deze op in kleine targets. Op die manier geef je je hersenen elke keer een signaal als je iets hebt bereikt en doet de dopamine de rest. Geef jezelf ook zeker een beloning als je het doel hebt bereikt – zoals een bezoek aan die lekkere massage of een goede kop koffie. En misschien wel nóg belangrijker: zet ook weer nieuwe doelen na het behalen van de oude, zodat je geen kater van je dopamineshot krijgt en weer gaat grijpen naar de verkeerde chemische middelen.

Voor meer informatie over nano goud, klik hier.
Voor meer informatie over nano platina, klik hier.

Vond je deze blog interessant? Lees dan ook:

Suikervrij eten? Stop je verslaving!  – Nano Mineralen

Omgaan met ADHD; kan het ook anders dan met medicatie? – Nano Mineralen
Waarom lukt het niet om af te vallen? – Nano Mineralen

Geschreven door Melanie Thijm

Lees hier meer blogs van Melanie

Was dit artikel nuttig?